Voorwaardelijk bestaan

Iets in ons gelooft nog steeds dat er iets voorwaardelijks bestaat aan erkenning en liefde waardig zijn. Om er vol toe te doen. Te vol-doen. Goed genoeg te zijn. Echter is het zo diep in ons gegroeid, geworteld en met onszelf verweven geraakt, dat we er niet of nauwelijks bewust van zijn. We denken niet zo te zijn; ‘dit geldt niet voor mij’. Er is nog geen herkenning als we anderen horen praten over persoonlijke ontwikkeling of het doorbreken van patronen. Er is nog geen bewustzijn op de angsten die ons voortdrijven. We doen wat we doen en het gaat goed, wat maakt dat er ook geen noodzaak is. Tot het ons inhaalt. Manieren die we ooit hebben gevonden om bestaansrecht te ervaren, die we tot in de puntjes verfijnd hebben en onderdeel zijn geworden van ons ‘ik’, gaan tegen ons werken. Wat ooit dienend en vervullend was, gaat in de weg zitten van vrij leven. Maatstaven die je jezelf ooit onbewust hebt opgelegd, zijn niet meer goed haalbaar. Consequenties eisen hun tol.

Een greep uit het assortiment van manieren kan zijn: pleasegedrag, perfectionisme, voor anderen zorgen, geïnteresseerd en empathisch zijn, de regelaar zijn, op de achtergrond blijven, sterk zijn, fit zijn, een belangrijke hobby of sport uitoefenen, slim zijn, mee kunnen praten en op de hoogte zijn, er goed uit zien, de laatste mode dragen, succesvol zijn, grappig zijn, bagatelliseren, genoeg geld hebben, verdovende middelen gebruiken, genoeg te doen hebben and so on. Zoals je misschien opvalt gaat het hier om een heleboel uitwerkingen in onze persoonlijkheid.. waarvan we geneigd zijn te zeggen: ‘zo ben ik gewoon’.

Wat we gaandeweg ontdekken is dat deze manieren tegen ons gaan werken, maar dat we ze eigenlijk niet kunnen stoppen.

We gaan een patroon herkennen. Op volgorde ook een greep uit de gevolgen: Blijven pleasen, hoewel je het eigenlijk niet meer wilt. Het zorgen voor anderen wordt te vermoeiend en je gaat je irriteren aan de mensen voor wie je er bent. ‘Het is nooit genoeg’. Alles perfect doen lukt in de veelheid van het leven niet meer en we ontwikkelen zelfkritiek. Altijd maar geïnteresseerd zijn in de ander begint te veranderen in opmerken dat je eigenlijk leeg bent daarna en bovendien zelf eigenlijk helemaal geen ruimte durft in te nemen in een gesprek. Een rol van regelaar opgeven levert commentaar op, waar je mind maar eindeloos op blijft kauwen met een weerwoord. Niet op de voorgrond durven treden, terwijl je eigenlijk wel iets naar buiten te brengen hebt. Zwakker en kwetsbaarder worden door ziekte, lichamelijk letsel of uitputting. Of er juist op een gegeven moment er niet meer tegenop kunnen fietsen, wandelen, bakken of breien, want: je begint in te zien dat het niet meer gewoon ontspanning is, maar een uitvlucht. Opmerken dat je eigenlijk best irritant bent als je weer aankomt met je kennis en het gesprek weet over te nemen met de laatste feitjes. Eigenlijk geen zin meer hebben om sport of nieuws bij te houden, maar daar kan je bij je vrienden niet mee aankomen ‘want dat is nou eenmaal waar we het over hebben’. Het begint je op te vallen dat de juiste looks er niet meer voor zorgen dat je goed in je vel zit. De eeuwige humor waarmee je veel gewonnen hebt in je leven gaat je in de weg zitten om een diepgaandere relatie aan te gaan. Serieus zijn is ongemakkelijk en anderen kunnen je ook niet meer echt serieus nemen. Het bagatelliseren, het snel gladstrijken van wat zich opwerpt als ‘gedoe’ begint innerlijk te knagen: wellicht moet je toch meer verantwoordelijkheid nemen of ergens beschikbaarheid voor hebben. Het opbouwen van meer kapitaal en de daarop volgende veranderingen in je leven beginnen langzaam te voelen als de typische ‘gouden kooi’. Het af en toe verdoven, jezelf ergens mee benevelen is toch eigenlijk al een verslaving. Een blik in je volle agenda doet je eigenlijk al zuchten.. maar stiekem zit daar die ‘fomo’.  

That’s it. Dat is het moment dat je eigen onbewuste manieren je inhalen. Je levensplezier neemt af, je wordt matter. Frustratie en irritatie groeien, innerlijke rust en ruimte neemt af.

In eerste instantie lach je het nog weg; ‘het hoort erbij, iedereen heeft dit wel eens, het komt gewoon door [dit of dat].’ Je moffelt het weg, natuurlijk kun je je patroon doorbreken. Dat is toch niet zo moeilijk.. Of toch wel? De simpele vraag die erop volgt is dan ook: ‘want wat als je het niet doet?’ Wat als je het helemaal, grondig, niet meer zou doen? Verwerpt? Wat als je totaal anders gaat reageren en doen dan de wereld om je heen van je gewend is? Haperend ontstaat er een dan verhaal met bezwaren, verantwoording, weerleggingen. Het leven vanuit het hoofd: verhaal maken.

Als we er werkelijk voor gaan zitten en de weg afleggen om weer opnieuw te kunnen gaan voelen, kan het zomaar gebeuren dat we iets anders onder ogen durven komen. De angst die eronder zit. Wanneer we onze interoceptie, weer wakker maken en naar het lichaamsgevoel toebewegen wat er is als we contact maken met het eerlijke antwoord op deze vragen, wordt duidelijk dat het raakt. In de spanning, knel, druk, zwaarte of wat zich ook aandient kunnen we de emoties vinden die erin opgeslagen liggen. Er zullen zich mogelijk barrières opwerpen, de mind gaat harder roepen, boosheid, alles wordt vaag of verdwijnt; het bewustzijn wil zich nu eenmaal onttrekken van daar waar ongemak en pijn zit. Weten we erbij te blijven, te focussen, te ademen, uit te spreken wat we tegenkomen in het voelen? Vanuit mijn persoonlijke weg en mijn groeiende ervaringen in het begeleiden van sessies zit het ware antwoord in een lang onbewust gebleven besef:

We ervaren validatie bij de gratie van onze manieren. Het zijn strategieën die we ooit gebruikten, die tot patronen zijn geworden.

Ooit was het je manier om erkenning te krijgen. De aandacht te krijgen die maakte dat we konden voelen ertoe te doen. Kinddelen. Als we stoppen, komen we rechtstreeks in de angst terecht dat we dan niet goed genoeg meer zijn. Niet leuk genoeg, niet interessant genoeg. Dan ben ik de aandacht niet meer waard. Niet gezien, niet gehoord. En als dat alles wegvalt.. wat ben ik dan nog? Ik ben onzichtbaar, niks, waardeloos. Alleen. Onveilig. Kwetsbaar. Dat is doodsangst.

Als ik doe wat [..] wil, dan ontploft de boel tenminste niet. Netjes zijn. Niet egoïstisch zijn. Voor jezelf zorgen, zelf regelen. Monddood gemaakt zijn. Sport- of andere prestaties leveren. Iets moois maken. Om maar ergens om bewonderd te worden. Om aandacht te krijgen die zegt: ik zie je en ik vind je leuk, ik ben trots op je. Daarvoor heb je iets speciaals te doen, blijkbaar. Je verhaal altijd klaar en kloppend hebben, voor die momenten dat je onverwacht weer ter verantwoording wordt geroepen. Angstvallig verschijnen, want er is altijd kritiek op je voorkomen. Grapjes maken om het verdriet wat je kunt aanvoelen bij [..] , te verzachten. Om een te snijden spanning in huis te doorbreken. Of simpelweg omdat al het andere niet getolereerd werd. Een ‘dat interesseert me niks’ ontwikkelen zodat je het tenminste ook niet fout kunt doen als je je ermee zou inlaten. Liever helemaal niet doen, dan fout doen. Angst ontwikkelen op falen. Kadootjes of lekker eten krijgen ter verzachting als het moeilijk is, in plaats van oprechte aandacht en beschikbaarheid voor je emoties. Want misschien was er wel helemaal niemand die echt aanwezig kon blijven bij jouw emoties. Die volwassen en wijs genoeg was om ze niet persoonlijk te nemen en jou als kind te leren: Dit is bang zijn. Dit is boos zijn. Dit is verdriet. Het voelt zo. Je doet het nu tegen mij, maar je bent aan het leren over jezelf. Dat mag er zijn en hoort erbij. Het gaat ook weer voorbij. De onderdrukte emoties die jij misschien wel voor ze ging dragen. Dát zijn de stukken in onszelf waar de beschadigingen zit vanuit waar bepaald gedrag is opgestaan. De krassen of diepe sneden. De ervaringen waar we ooit echt het meest kwetsbaar waren. Waar we zijn gaan geloven dat we niet goed genoeg zijn. Maar.. genoeg voor wie? Genoeg voor wat? Het ijkpunt van ons bestaan. Zoveel van de mensen in de generaties voor ons tot aan het nu hebben zelf niet geleerd een voelend, ervarend wezen te zijn. Want het was gewoon te confronterend en er was geen begeleiding.

Angst voor emotie of intuïtie is nog steeds groot onder ons aanwezig en stamt direct af van de tijd dat er hysterie was vanuit het trauma van onderdrukking en misbruik van vrouwen, PTSS na oorlogservaringen en er mensen voor gek verklaard werden en als heksen verbrand werden.

Als dat een no-go-area was, hoe moeten ze het jou dan leren..? Als het kind er eenmaal is en het de ouder gedrag gaat spiegelen wat zelf ooit verdrongen moest worden omdat het afgewezen werd, is er geen ruimte. De ouder reageert af. Met als gevolg dat we als kind gaan twijfelen in wat er in onszelf gebeurt. Wat ik voel, is blijkbaar niet de bedoeling. [..] wordt er boos van. Het hoort niet. Ik moet weg als ik dat doe. Ik moet stil zijn. Ik moet rustig zijn, op mijn tenen lopen. Verzorgen. Overnemen. Geen lawaai maken. Niet tot last zijn. Ik mag geen tegenspraak bieden. Er mag zoveel van het [normale kind]gedrag niet zijn dat de overtuiging ontstaat: Ik mag er niet zijn.

We leren dat er voorwaarden zijn waarbinnen we veilig kunnen bestaan en erkenning kunnen krijgen. In het bijzijn en in het samenleven met de mensen van wie we afhankelijk zijn.

Terwijl we met gezond, werkelijk volwassen geworden verstand kunnen concluderen: een kind is een kind. Het is pas net op deze wereld. Het heeft het recht om er te zijn, om gelukkig te zijn, om te spelen, om fouten te maken en om allerlei soorten gedrag te laten zien. Dat is normaal. Het kind IS geen last maar de ouder ERVAART bepaalde dingen op dat moment als last. Rationeel kunnen we hier meestal aardig bij, maar gevoelsmatig? Het is oud zeer waar we levens lang omheen kunnen blijven dansen, werken en zwoegen. Als we onze lastigste patronen werkelijk willen afleggen hebben we deze kinddelen, soms inclusief de karmische ladingen, weer terug naar veiligheid te brengen. Op te halen uit de tijd, wetende dat het voorbij is en we het niet meer zo hoeven doen. Het lichaamsgeheugen herprogrammeren. Tot die tijd gebruiken we allerlei manieren die tot patronen geworden zijn. Ook dat is een deel van het mens-zijn. Vanuit onze essentie bezien is het all inclusive. Eenmaal groeiend in het zielsbewustzijn kon ik met de juiste sessies uit de meest belemmerende patronen en dynamieken stappen. Geen zoektocht meer naar externe validatie. Betrap ik mezelf er weer op, dan kies ik opnieuw de weg terug naar liefde. Zelfliefde. Ruimte innemen. Vrijheid. Mij zijn. Doe mij maar a-la-carte. Glutenvrij. En vegan graag 😉

Liefs, Eva

Ander licht

Het is misschien moeilijk te geloven, maar ik ben in een staat van zijn geweest waarin ik liever niet meer leefde dan wel. Niet dat ik moedwillig een einde zou maken aan het leven, maar wel in een gedachtengoed en energiepeil wat vooral bezig was met overleven. Alles al snel te zwaar. Alles al snel te veel. Fysieke problemen. Vaak ziek. Somberheid. Doen alsof. Hard werken, maar waarvoor eigenlijk? Om er voor anderen te zijn en te laten zien dat ik ‘t kon, hoewel dit toen nog vrij onbewust in me leefde. Ik deed wel wat therapieën, cursussen en retraites en alles bracht me iets. Ik kon de klokken horen luiden, maar ik wist niet waar de klepel hing, zou je kunnen zeggen. Maar echt iets veranderen, dat niet. Voor de buitenwereld was er niet zoveel zichtbaar; ik functioneerde gewoon, en best wel succesvol ook. Kon lol maken, leuke dingen doen. Relatie, trouwen, alles.

In de onderstroom was het mat. Misschien zelfs uitgedoofd, of hooguit een waakvlammetje..

Heel kort door de bocht: het enige wat ervoor nodig was me van de problemen met mezelf te verlossen, was wakker te worden in een nieuw bewustzijn. Noem het mijn ziel, zielsbewustzijn, hogere Zelf.. het maakt niet uit. Maar het diende zich aan en was ruimer, lichter en wijzer dan wat ik daarvoor was. Vanuit daar kon ik terwijl ik gewoon Eva was, ook deze Eva aanschouwen. Voelen als mens en een helderweten hebben over wat ik te doen had, tegelijkertijd. Hoewel soms verwarrend omdat deze staat van zijn een hoop shifts met zich meebrengt, gaf dit de draagkracht om mezelf als de persoon die ik was, te gaan toe-eigenen. ‘Ownen’. In te zien dat mijn hele realiteit het gevolg was van mijn eigen doen en laten. Ik ben mijn eigen creatie. Mijn realiteit weerspiegelt slechts wat er onopgelost in mijn onderbewuste leeft. Energetisch had ik van alles uitstaan naar andere mensen, het bedrijf wat ik had, familiesystemen en vriendschappen die op oud zeer gebouwd waren. Dieper gelegen angsten vanuit waar dat ontstaan was; programmeringen (patronen) die vanuit daar opgebouwd zijn en alles op z’n plek houden. Een ‘oncomfortabele comfortzone’. Misschien niet zo sprankelend en fijn, maar wel veilig. Daar wist ik tenminste wat ik had. Gewoon maar hetzelfde doen, genoeg geld verdienen en werken tot ik met pensioen kan, af en toe een vakantie (die toch nooit de rust gaf die ik zocht), leuke dingen doen (wat toch nooit écht vervullend was). Het was voornamelijk vermoeiend en onvrij. ‘Bovendien is de wereld ook een verdorven plek’. Au.

Daar zat ik dan. Mijn beschadigde zelf. Niemand zou mij gaan geven wat ik nodig had om eruit te komen. Totdat het licht van mijn zuivere bewustzijn erdoorheen ging schijnen..

Mezelf in het nieuwe licht bij elkaar halend, kwam er besef. Alleen IK kan er iets aan doen. Werkelijke verandering begint BIJ MIJ. IK doe het: de frustratie, verongelijktheid, depressie, manipulatie, woede, agressie, zieligheid. Maar ook de krachtige kanten: sterk zijn, slim zijn, grappig zijn, empathisch zijn; troost en hoop aan anderen bieden. Ik DOE alles zelf! Ook al heb ik altijd gedacht dat het door de ander komt, door de omstandigheden, door toeval; niemand vraagt van mij deze reacties. IK doe ze. Het is mijn eigen systeem, lichaam en geest, waarbinnen deze reacties opgeroepen worden. Dus wat maakt dan, dat dat gebeurt? Wat wordt er eigenlijk geraakt? Wat.. als ik het NIET doe? Kan ik dat?

Daar kwam ik aan op de lagen en thema’s die daar rustig -wie weet al hoe lang, want de ziel kent geen tijd- lagen te wachten totdat ik er wakker voor werd. Het onbewuste en onverwerkte wat er werkelijk toe deed. De hele buitenwereld, mijn omgeving, mijn dagelijkse realiteit.. slechts een weerspiegeling van wat daar in de schaduw lag. Het leed van ooit. Wat me hopeloos maakte, leeg, daar waar ik vergeten was wat liefde was. Zie me, hoor me, help me: ik lijd. Vertellen wat er allemaal aan de hand was, de ander onbewust proberen mee te nemen in mijn verhaal, te overtuigen van de zwaarte van mijn onmacht. En daarbij het gedrag wat ik mezelf onbewust toestond omdat het mijn schaduw was, afwijzen bij anderen. Projectie pur sang. In werkelijkheid deed ik continue een appèl op mijn omgeving om me te steunen daar waar ik het zelf niet kon. Daar waar innerlijke delen geen draagkracht meer hadden. Bevroren geraakt in de tijd, toen het leven zo pijnlijk was dat ik er wel weg van moést bewegen. Vanuit je lichaam in je hoofd gaan zitten. Met deze delen werken zonder het licht van mijn zielsbewustzijn maakte gewoonweg dat de toegang hiertoe juist verder afgesloten raakte. Ga iemand die alles oplost met een overbelaste mind (lees: controledrang) en diepe zelfafwijzing even cognitieve therapie geven. Wat denk je zelf? De constructen die opgebouwd waren vanuit overlevingsmodus, versterkten alleen maar!

Hoe kon ik liefde en draagkracht voor mezelf gaan voelen als ik überhaupt nauwelijks meer voelde?
Hoe kon ik een kleine Eva in therapie steunen als ik niet meer weet wat liefde is?
Hoe kan ik ontspannen als ik niet doorheb hoe mijn zenuwstelsel ingesteld staat?
Door welke energie ben ik ooit onbewust in beslag genomen in al mijn kwetsbaarheid?

Dat waren de vraagstukken die er werkelijk toe deden- doen. Bij gebrek aan het juiste licht zien we ze gewoon niet. We kunnen er niet naar kijken als we alleen in het donker zitten, of als we er zelf omheen blijven schijnen. Vanuit dit licht wordt het mogelijk om met de juiste begeleiding- de mensen met ruime levenservaring en een opgeruimd, doorleefd veld van belichaamde wijsheid- er zelf ook voor gaan. Van overleven naar leven. Van verdoofd naar voelen. Van niet-weten naar weten. Van angst naar vertrouwen. Van onvrij naar vrij. Deze weg is niet de makkelijkste weg, ook vraagt onze menselijke ervaring geregeld weer om nieuwe aandacht voor wat er werkelijk in ons leeft. Raken we weer een nieuw thema, een nieuwe laag. Vanuit het licht van de ziel bezien is het de enige weg. Verruimt het wakkere weten meer, dan is er opnieuw iets te doen. Maar het is het allemaal waard.

Wat het voor mij heeft betekend, en nog steeds: ik ervaar meer liefde, ruimte, rust en bestaansrecht dan ooit. Bezieling. Vanuit deze staat van zijn kan ik zoveel meer aan dan ik vroeger kon. Trouw zijn aan wie ik werkelijk ben, me overgeven aan het plan voor dit leven, voordat het ingewikkeld raakte door opgroeien, opgevoed raken en gestuurd worden. Kan ik voelen wat waarheid is en wat niet en luisteren naar mijn innerlijke kompas. En mijn waarheid spreken, ook al is dat soms ongemakkelijk. Ik weet nu dondersgoed hoe het is om de ongemakkelijke persoon te zijn. Die waar argwanend naar gekeken wordt. Fine. Het leven wat je gecreëerd hebt is er altijd om je opnieuw in contact te brengen met datgene waarmee het ooit verbroken is. Want vanuit de dualiteit.. willen we altijd terug bewegen naar eenheid. Daar waar we heel zijn. Het kunnen ervaren van polariteiten in een menselijk bestaan is vanuit de Ziel bezien een voorrecht. Alle vormen van ongemak – de ‘negatieve’ staten van zijn- geven een spanningsopbouw die ontladen kan worden en geïntegreerd, als we dat echt willen.

Het vraagt moed, begeleiding en een innerlijk weten, maar onze pijn doorleven en transformeren tot belichaamde wijsheid is ons hoogste goed.

Onder alle frustratie, boosheid, verongelijktheid, vlakheid, depressie en andere manieren zit het onverwerkte leed van onszelf in dit leven, van onze ouders, voorouders en vorige levens. Opgekropte niet-authentieke energieën die ons in beslag hebben kunnen nemen. Wanneer we wakker kunnen worden en dit kunnen toegeven aan onszelf, onszelf onder ogen kunnen komen, kunnen we gebruik gaan maken van ons hogere bewustzijn. En kunnen we zoveel oplossen als nodig om licht en ruim te leven. Geen spirituele bypass. De enige weg is erdoorheen. Het stond nota bene nog op een tegeltje wat ik al jaren had hangen, die ik ooit kreeg van een oudoom die overleed. Ook die woorden in een ander licht! Van beunen naar steunen. Met geduld, vertrouwen en een ontspannen focus, kwaliteiten van ons hogere, zuiverder bewustzijn. Energie volgt intentie. En met dat lichtere energieveld wat we dan hebben, schijnen we in dat van anderen, waar bewust of onbewust iets wakker wordt. Dat is geen doel, het is slechts een gevolg. Waartegen we kunnen werken, of waarmee we kunnen werken.. de reactie is aan jou. Own it.

Liefs, Eva