Goede voornemens

Een goed voornemen is het ideale recept voor zelfsabotage. Ik hoor je denken.. hoezo? Het is toch juist een mooie manier om met iets wat beter voor je is, te starten? Klopt, dat is het zeker. En hoe vaak lukt het, om een goed voornemen tot een duurzame nieuwe gewoonte uit te rollen? Helaas is dat niet negen van de tien keer; het zal eerder één op de tien keer zijn. Toch? Een goed voornemen is bedoeld om iets duurzaam aan jezelf te veranderen of verbeteren. Gedrag wat leidt tot een betere gezondheid of een beter persoon. Of gewoon om jezelf te bewijzen dat je het kunt. Waarom is het nodig? We zijn blijkbaar vervallen in gewoontes waarvan we weten dat het niet de beste keuze is. Niet zo gezond. We laten ons verleiden tot minder gezonde keuzes. Op korte termijn prettig, gezellig, lekker of comfortabel, op lange termijn minder fijn. Grappige instelling in onze hersenen die tot destructie kan leiden als we niet uitkijken; we zijn van nature pijnvermijdende wezens, dus alles wat moeite kost of ongemakkelijk is kiezen we niet zo snel. En we zoeken graag datgene op wat leidt tot overleving, dus voeding en voortplanting. Zijn we een beetje in doorgeschoten in deze maatschappij. Hoe komt het dan dat we makkelijk blijven hangen in gewoontes waar we eigenlijk niet blij mee zijn? Omdat er een valkuil in zit.

Eerst geeft het ons iets wat we op een bepaalde manier nodig hebben; vervolgens gaat het macht over ons uitoefenen.

Veel of slecht eten en alcohol moeilijk kunnen laten. Roken of andere verdovende middelen, meer online dan offline leven. Niet genoeg in beweging komen of trainen. Geen goede zelfzorg. Te druk of juist te geïsoleerd leven. Op welke manier dan ook; we proberen ergens méér voor te gaan dan ervoor. Willen onze prioriteiten veranderen. Om te begrijpen waar het gedrag begonnen is, moeten we terug in de tijd. Nog voordat het een gewoonte werd. Wat gaf het ons, ooit? Je kunt er makkelijk op antwoorden; ‘ja, gewoon, dit of dat.. zo ging dat’. Maar op een andere laag is niets toevallig, gewoon of per ongeluk. We zijn in het nu de uitkomst van alles ervoor. Laten we eens helemaal teruggaan naar onszelf als jong kind, die nog helemaal niets te maken had met dat gedrag wat later die valkuil wordt. In wat voor situatie groeiden we op? Wat heeft onze ouders gevormd, en hoe gedroegen ze zich tegen ons? Wat was wel de bedoeling en wat niet? Wat zijn de eerste dingen die we geleerd hebben over onszelf en de wereld om ons heen? Vanaf het allereerste moment toetsen we onszelf aan de reacties van onze opvoeders en omgeving: dit mag wel, dit mag niet. Zó moet het. Wat wordt er gevalideerd en wat wordt afgewezen? Met een beetje pech groei je op in een gezin waar dat zelfs tot agressie komt en met geweld duidelijk gemaakt wordt. In onveiligheid. Veel van onze keuzes zijn gebaseerd op de reacties vanuit onze omgeving, positief en negatief. Het lukt uiteindelijk vaker niet dan wel om je te confirmeren aan de verwachtingen.

We raken meer gewend aan begrenzing, beperkingen en leefregels dan aan onze vrijheid.

Aanpassen is ook evolutionair gezien een beter idee natuurlijk dan authentiek en vrij ontwikkelen, wat minder zekerheden geeft. Vanuit de fricties, ongemakkelijkheden of zelfs trauma van ‘moeten leren’ ontstaan in het onderbewuste denken van ons lichaam innerlijke opvattingen. Het raakt ingeprogrammeerd. Een programmering, als onderdeel van ons systeem als mens, is een kernovertuiging over onszelf of over de wereld. Iets dat je onder bepaalde omstandigheden bent gaan geloven. Ik doe het niet goed, ben niet goed genoeg. Ik ben de liefde en aandacht niet waard. Er is iets mis met mij. Ik ben slecht, dom of zwak. Waardeloos. En ook nog alleen. We horen, helemaal de generaties voor ons, helaas eerder waar we in falen of de schuldige van zijn (‘het komt door jou .. ‘), dan dat we het tegenovergestelde ingeprent krijgen. Dat klinkt misschien somber, maar hoe schitterend fantastisch je al bent zonder dat je ook maar iets hoeft te doen of zijn, lukt bijna alleen in de babytijd. Tegen de tijd dat je meer weerstand gaat bieden wordt je soms een vervelende spiegel. Ik weet nu als moeder zelf hoe moeilijk dat kan zijn. Totale machteloosheid en dan proberen emotioneel beschikbaar en volwassen te blijven is en blijft een uitdaging. Een minderwaardigheidsgevoel wordt helaas sneller geboren dan een stralend gevoel van zelfwaardering en bestaansrecht. Vorige generaties die moeilijke tijden kenden vinden dit ook logischer: je moet weerbaar zijn, bestand raken tegen het leven. Dat wordt op ons geprojecteerd, opgeslagen in ons lijf en in de epigenetica, onderdeel van het energetische veld dat we zijn. Ongetwijfeld zullen we als volwassenen deels hetzelfde doen. Zo jong als we zijn ontdekken we feilloos wat nodig is om kans te maken op die erkenning die we zoeken. Erbij horen, grappig zijn, zelfstandig zijn, hulpvaardig zijn, slim zijn, sterk zijn, succesvol zijn, de organisator zijn, een goede vriend(in) zijn, sportief zijn, bijvoorbeeld. Of door geld, spullen, eten, vakanties en uitjes of sociale contacten. In eerste instantie gaat het ons vaak goed af. We krijgen er een fijn gevoel van. Het tegendeel van de kernovertuiging bewijzen heeft succes.

We halen er iets mee wat we kunnen zien als goed alternatief van liefde. Het levert op.

Gaandeweg kan het lastiger worden en ontstaat een strategie op de strategie; nog wat meer van het nodige. Verdoven, afleiding, eten, meer vermijden, nog aan- of afweziger worden. Toch blijven doen wat we van onszelf verwachten ondanks dat het misschien uitput en we doorhebben dat het niet werkt. Hoe twijfelachtiger het wordt naarmate onze zelfafwijzing groeit, hoe krampachtiger de strategieën worden: we kunnen onszelf continue gaan verantwoorden, verdedigen, perfectionistischer worden, verantwoordelijkheden hoger opnemen, contacten vasthouden, schuld buiten onszelf leggen terwijl we ons eigenlijk schuldig voelen, steeds meer praten, zowel de innerlijke dialoog als in de buitenwereld. (dit laatste rijtje was mijn eigen persoonlijkheid, zoveel jaar geleden. Ik kwam met te weinig levensenergie uit mijn jeugd en kon nooit voldoen aan de standaarden van mijn opgebouwde strategieën. Ik ging handelen vanuit een leegte die steeds erger werd en raakte somber en uitgeput.) Het kunnen schaduwkantjes van onszelf worden die niet meer zozeer het beoogde doel behalen. Het vraagt telkens meer inspanning, waarbij inspanning betekent ook het toezeggen van al die dingen waarbij we makkelijk in het gedrag vervallen wat we eigenlijk niet meer willen, waaronder ‘gewoon gezellig’. Wat haar oorsprong kent als methode, keert zich tegen je en verkrijgt macht over je. Het allerbelangrijkste in dit verhaal en de weg naar de meest duurzame oplossing, begint dan ook bij inzien dat we het zijn gaan doen omdat we het nodig hadden en het de beste manier was om onszelf te helpen als mens. Precies om deze reden kunnen we het dus ook niet zomaar afleggen. Want wanneer zo’n overtuiging eenmaal goed ingenesteld is, wordt het met de bijbehorende strategie een zelfvoorzienend systeem: het patroon.

En patronen doorbreken.. dat is precies wat er nodig is om een goed voornemen te laten slagen.

Het geloof dat we op onbewust niveau zijn gaan aanhangen, is als informatie in ons lichaam opgeslagen en leeft in het onderbewuste door. Ten eerste: een programmering doet maar één ding en dat is zichzelf bevestigen. Wat we ook doen, het is nooit helemaal genoeg. Hoe oncomfortabel ook; dat is wat we zijn gaan geloven en wat we kennen. Dat is het filter op de realiteit geworden, waar ons RAS in de hersenen op gericht is. En als het dan gebeurt, wat betekent dat we dus steeds opnieuw ervaringen hebben waarin we hetzelfde tegenkomen, dan vindt er bekrachtiging plaats van de programmering. Dat we ons niet goed genoeg of afgewezen voelen, niet gezien, niet gehoord, gebruikt, niet gewaardeerd, de zwakste zijn of alleen gelaten worden. Het pijnlichaam groeit. Evenals de strategie. Want dat tenslotte is de instant actie die bezig is met het tegendeel bewijzen. Maar dat wat nog steeds gezocht wordt in het verleden; erkenning, liefde, aanwezigheid, aandacht.. wordt er niet mee gevonden. Bewust gezien kunnen we hier niet zomaar bij én het is mens-eigen, maar ons gedrag ontstaat vanuit strategie en aanpassing.

De crux is dat datgene wat je probeert af te leggen ooit tot stand is gekomen als alternatief voor liefde.

Terug naar goede voornemens. In jou is al een versie aanwezig die tot uiting wil komen, anders kwam je niet met het idee. Mentaal gaan we dat dus niet oplossen, in elk geval niet duurzaam. Het verstand wil wel, maar de opgeslagen info gaat niet mee. Omdat het een onbewust alternatief biedt. Het ons beschermt tegen de ongemakken die eronder zitten. Om dit te veranderen is het belangrijk dat de beweging ontstaat vanuit echte zelfliefde en zelfwaardering. Een herprogrammering van de kernovertuiging. Er helemaal mogen zijn, inclusief onvermogens en weerstanden, en dat ook kunnen voelen. Niets meer hoeven te veranderen. Helaas is dat er collectief veel te weinig. Het ideaalbeeld is te sterk; een ‘hoe hoort het’ bestaat nog steeds en ‘ergens bij horen’ is minstens zo sterk. Het mooier-maak laagje in de wereld wordt steeds lelijker en onechter, maakt steeds meer mensen onzeker. We doen teveel alsof. Wil je duurzaam veranderen, vind je dat moeilijk en verval je steeds in oud gedrag, dan helpt het om terug te gaan naar die periode dat we het nog niet opgegeven hadden. Dat er nog onbegrip en weerstand was op de beweging en projecties van de mensen die ons grootbrachten, in een zoektocht naar beschikbaarheid, erkenning en liefde. Ooit vochten we ervoor en is een deel van ons daar nog steeds. Ooit gaven we het op en namen we troostprijzen aan als alternatief voor liefde. Daar waar de leegte ontstaan is en de afleiding begonnen. Goede hulp is belangrijk, want zelf zit je ook met het denken vast in patronen en alleen het denken lost het niet op. Fysiek en emotioneel moet ook mee.

Toegeven aan- en doorvoelen van de rouw van het gemiste geeft een reset op de programmering.

Mensen zijn vooral mentaal ingesteld en gericht op doen, reageren, oplossen, willen begrijpen, ruimte vullen. Bij heling komt ook de kunst van juist niet-doen kijken, aanvaarding van wat is, ook als het pijnlijk is. Pas als we die delen van onszelf weer kunnen ontmoeten, weggestopt onder de schil die we aan de buitenkant gevormd hebben, weer terug durven in die kwetsbaarheid die er was voordat we die ooit afdichtten met onze strategieën, dat is waar de schat tot diepe innerlijke zelfwaardering verborgen ligt. Als we daar opnieuw kunnen thuiskomen dan zien we direct dat een goed voornemen een illusie is. Een illusie van verbetering, omdat de motivatie niet kwam uit de bron van liefde, maar uit innerlijke constructen om te blijven voldoen. Het is slechts de persoonlijkheid in onszelf die is opgestaan om ons door het leven met al haar uitdagingen te manoeuvreren, maar die ons heeft weggedreven bij de zachtaardige, allesomvattende staten van zijn. Als die persoonlijkheid dirigeert wat ‘we moeten verbeteren vanaf het nieuwe jaar’ komt dat vanuit een energie waar mentale kracht en forcering in zit. Het is zelfsabotage, omdat we ten eerste de patronen voeden die we innerlijk zijn gaan voeren, ten tweede omdat we precies datgene wat we nodig hadden of zijn gaan verwarren met liefde, aan de kant proberen te zetten. De oplossing van toen is ten slotte de valkuil van nu. De ooit gekwetste delen van onszelf zullen er nog gekwetster van raken, bang worden om nog meer kwijt te raken, nog meer vast willen gaan houden of nog harder gaan roepen.

Het oude zeer wat nog in het onderbewuste leeft weer in het bewuste brengen en ruimte geven, vraagt wat.

In veiligheid terugkomen in voelen, wat we steeds minder zijn gaan doen omdat we naar ons hoofd verhuisden. Daar, in dat moment voordat we ooit opgaven of waar we ervoor bleven vechten, komen we weer in aanraking met leven in plaats van overleven en liefde in plaats van een vermomming van liefde. Zo komt er nieuw licht op met een ander, ruimer bewustzijn. De variant die je onvoorwaardelijk neemt zoals je bent, waar je niets hoeft te fiksen aan jezelf, alles van je mag er zijn. Dat verandert alles. Je wordt zelf de volwassene die het niet persoonlijk neemt, niet hoeft te reageren vanuit onvermogens, bij je eigen struggles aanwezig kan blijven met geduld en vertrouwen, hoe onmogelijk we soms ook zijn als mens. Zo kan daar levenskracht terugkomen en een nieuwe voedingsbodem ontstaan voor verandering, omdat de programmering transformeert. En dát heeft de kracht om de strategie af te leggen. Naarmate het vertrouwen in de liefde groeit kan het gevecht om erkenning en voldoen, stoppen. Het is dan liefde van binnenuit geworden, in contact met een heel Zelf, onafhankelijk van de buitenwereld. Het is dan niet meer nodig om te roepen wat we allemaal zouden moeten doen, en wanneer, inclusief goede voornemens. Deze vernieuwde liefde in onszelf zou hierom glimlachen, beter weten.

Voelen wat de beste keuze is – gewoon in het Nu. Nu doe ik het anders, of niet. In elk geval niet pas overmorgen.

Eigenaarschap. Geen slachtofferschap meer van het gedrag wat macht over je wist uit te oefenen. We zijn al heel en hoeven niet meer om ons heen te grijpen naar bepaalde zaken, want we zien dat het een vertroebeling is van de werkelijkheid. Ineens kunnen we iets laten staan of ergens voor gaan, wat eerder niet lukte. In zelfliefde- en waardering zit prioriteit. In deze bron zijn we in staat om de moeilijkste patronen op te lossen. Voor mij was het de enige manier om mijn fysieke en mentale ongezondheid – na zoveel geprobeerd te hebben met mislukking en bevestiging op de programmering dat ik niet te helpen was- op te lossen. Het vergt toewijding en is geen quick-fix. Ingesleten paden in onze hersenen kunnen ons soms nog even misleiden, waarbij het nodig is om de nieuwe wijsheid te trainen. Maar het energetische patroon is veranderd, het onderbewuste denken verandert, onze filters op de werkelijkheid veranderen. Waar we mee resoneren verandert. Het brandpunt van bewustzijn wordt gericht op op de groei van kwaliteiten die verborgen zijn geraakt, op onze gezondheid, op de ultieme beleving van een lichaam hebben en er zorg voor dragen. Maar niet geforceerd. Eureka; dit is waar het werkelijk om gaat in een leefmodus in plaats van een overleefmodus. Eenmaal afgestemd op de innerlijke wijsheid en waarde, verandert de buitenwereld mee. Je transformatie zal ofwel anderen inspireren, ofwel anderen afstoten als het wordt afgewezen vanuit eigen projecties. We voelen weer, maar zijn ongevoeliger voor oordelen van buitenaf. Het is oké. We zijn nu beschikbaar voor onszelf, en vanuit daar ook meer voor anderen.

Goed voornemen, toch?

Liefs, Eva

Ander licht

Het is misschien moeilijk te geloven, maar ik ben in een staat van zijn geweest waarin ik liever niet meer leefde dan wel. Niet dat ik moedwillig een einde zou maken aan het leven, maar wel in een gedachtengoed en energiepeil wat vooral bezig was met overleven. Alles al snel te zwaar. Alles al snel te veel. Fysieke problemen. Vaak ziek. Somberheid. Doen alsof. Hard werken, maar waarvoor eigenlijk? Om er voor anderen te zijn en te laten zien dat ik ‘t kon, hoewel dit toen nog vrij onbewust in me leefde. Ik deed wel wat therapieën, cursussen en retraites en alles bracht me iets. Ik kon de klokken horen luiden, maar ik wist niet waar de klepel hing, zou je kunnen zeggen. Maar echt iets veranderen, dat niet. Voor de buitenwereld was er niet zoveel zichtbaar; ik functioneerde gewoon, en best wel succesvol ook. Kon lol maken, leuke dingen doen. Relatie, trouwen, alles.

In de onderstroom was het mat. Misschien zelfs uitgedoofd, of hooguit een waakvlammetje..

Heel kort door de bocht: het enige wat ervoor nodig was me van de problemen met mezelf te verlossen, was wakker te worden in een nieuw bewustzijn. Noem het mijn ziel, zielsbewustzijn, hogere Zelf.. het maakt niet uit. Maar het diende zich aan en was ruimer, lichter en wijzer dan wat ik daarvoor was. Vanuit daar kon ik terwijl ik gewoon Eva was, ook deze Eva aanschouwen. Voelen als mens en een helderweten hebben over wat ik te doen had, tegelijkertijd. Hoewel soms verwarrend omdat deze staat van zijn een hoop shifts met zich meebrengt, gaf dit de draagkracht om mezelf als de persoon die ik was, te gaan toe-eigenen. ‘Ownen’. In te zien dat mijn hele realiteit het gevolg was van mijn eigen doen en laten. Ik ben mijn eigen creatie. Mijn realiteit weerspiegelt slechts wat er onopgelost in mijn onderbewuste leeft. Energetisch had ik van alles uitstaan naar andere mensen, het bedrijf wat ik had, familiesystemen en vriendschappen die op oud zeer gebouwd waren. Dieper gelegen angsten vanuit waar dat ontstaan was; programmeringen (patronen) die vanuit daar opgebouwd zijn en alles op z’n plek houden. Een ‘oncomfortabele comfortzone’. Misschien niet zo sprankelend en fijn, maar wel veilig. Daar wist ik tenminste wat ik had. Gewoon maar hetzelfde doen, genoeg geld verdienen en werken tot ik met pensioen kan, af en toe een vakantie (die toch nooit de rust gaf die ik zocht), leuke dingen doen (wat toch nooit écht vervullend was). Het was voornamelijk vermoeiend en onvrij. ‘Bovendien is de wereld ook een verdorven plek’. Au.

Daar zat ik dan. Mijn beschadigde zelf. Niemand zou mij gaan geven wat ik nodig had om eruit te komen. Totdat het licht van mijn zuivere bewustzijn erdoorheen ging schijnen..

Mezelf in het nieuwe licht bij elkaar halend, kwam er besef. Alleen IK kan er iets aan doen. Werkelijke verandering begint BIJ MIJ. IK doe het: de frustratie, verongelijktheid, depressie, manipulatie, woede, agressie, zieligheid. Maar ook de krachtige kanten: sterk zijn, slim zijn, grappig zijn, empathisch zijn; troost en hoop aan anderen bieden. Ik DOE alles zelf! Ook al heb ik altijd gedacht dat het door de ander komt, door de omstandigheden, door toeval; niemand vraagt van mij deze reacties. IK doe ze. Het is mijn eigen systeem, lichaam en geest, waarbinnen deze reacties opgeroepen worden. Dus wat maakt dan, dat dat gebeurt? Wat wordt er eigenlijk geraakt? Wat.. als ik het NIET doe? Kan ik dat?

Daar kwam ik aan op de lagen en thema’s die daar rustig -wie weet al hoe lang, want de ziel kent geen tijd- lagen te wachten totdat ik er wakker voor werd. Het onbewuste en onverwerkte wat er werkelijk toe deed. De hele buitenwereld, mijn omgeving, mijn dagelijkse realiteit.. slechts een weerspiegeling van wat daar in de schaduw lag. Het leed van ooit. Wat me hopeloos maakte, leeg, daar waar ik vergeten was wat liefde was. Zie me, hoor me, help me: ik lijd. Vertellen wat er allemaal aan de hand was, de ander onbewust proberen mee te nemen in mijn verhaal, te overtuigen van de zwaarte van mijn onmacht. En daarbij het gedrag wat ik mezelf onbewust toestond omdat het mijn schaduw was, afwijzen bij anderen. Projectie pur sang. In werkelijkheid deed ik continue een appèl op mijn omgeving om me te steunen daar waar ik het zelf niet kon. Daar waar innerlijke delen geen draagkracht meer hadden. Bevroren geraakt in de tijd, toen het leven zo pijnlijk was dat ik er wel weg van moést bewegen. Vanuit je lichaam in je hoofd gaan zitten. Met deze delen werken zonder het licht van mijn zielsbewustzijn maakte gewoonweg dat de toegang hiertoe juist verder afgesloten raakte. Ga iemand die alles oplost met een overbelaste mind (lees: controledrang) en diepe zelfafwijzing even cognitieve therapie geven. Wat denk je zelf? De constructen die opgebouwd waren vanuit overlevingsmodus, versterkten alleen maar!

Hoe kon ik liefde en draagkracht voor mezelf gaan voelen als ik überhaupt nauwelijks meer voelde?
Hoe kon ik een kleine Eva in therapie steunen als ik niet meer weet wat liefde is?
Hoe kan ik ontspannen als ik niet doorheb hoe mijn zenuwstelsel ingesteld staat?
Door welke energie ben ik ooit onbewust in beslag genomen in al mijn kwetsbaarheid?

Dat waren de vraagstukken die er werkelijk toe deden- doen. Bij gebrek aan het juiste licht zien we ze gewoon niet. We kunnen er niet naar kijken als we alleen in het donker zitten, of als we er zelf omheen blijven schijnen. Vanuit dit licht wordt het mogelijk om met de juiste begeleiding- de mensen met ruime levenservaring en een opgeruimd, doorleefd veld van belichaamde wijsheid- er zelf ook voor gaan. Van overleven naar leven. Van verdoofd naar voelen. Van niet-weten naar weten. Van angst naar vertrouwen. Van onvrij naar vrij. Deze weg is niet de makkelijkste weg, ook vraagt onze menselijke ervaring geregeld weer om nieuwe aandacht voor wat er werkelijk in ons leeft. Raken we weer een nieuw thema, een nieuwe laag. Vanuit het licht van de ziel bezien is het de enige weg. Verruimt het wakkere weten meer, dan is er opnieuw iets te doen. Maar het is het allemaal waard.

Wat het voor mij heeft betekend, en nog steeds: ik ervaar meer liefde, ruimte, rust en bestaansrecht dan ooit. Bezieling. Vanuit deze staat van zijn kan ik zoveel meer aan dan ik vroeger kon. Trouw zijn aan wie ik werkelijk ben, me overgeven aan het plan voor dit leven, voordat het ingewikkeld raakte door opgroeien, opgevoed raken en gestuurd worden. Kan ik voelen wat waarheid is en wat niet en luisteren naar mijn innerlijke kompas. En mijn waarheid spreken, ook al is dat soms ongemakkelijk. Ik weet nu dondersgoed hoe het is om de ongemakkelijke persoon te zijn. Die waar argwanend naar gekeken wordt. Fine. Het leven wat je gecreëerd hebt is er altijd om je opnieuw in contact te brengen met datgene waarmee het ooit verbroken is. Want vanuit de dualiteit.. willen we altijd terug bewegen naar eenheid. Daar waar we heel zijn. Het kunnen ervaren van polariteiten in een menselijk bestaan is vanuit de Ziel bezien een voorrecht. Alle vormen van ongemak – de ‘negatieve’ staten van zijn- geven een spanningsopbouw die ontladen kan worden en geïntegreerd, als we dat echt willen.

Het vraagt moed, begeleiding en een innerlijk weten, maar onze pijn doorleven en transformeren tot belichaamde wijsheid is ons hoogste goed.

Onder alle frustratie, boosheid, verongelijktheid, vlakheid, depressie en andere manieren zit het onverwerkte leed van onszelf in dit leven, van onze ouders, voorouders en vorige levens. Opgekropte niet-authentieke energieën die ons in beslag hebben kunnen nemen. Wanneer we wakker kunnen worden en dit kunnen toegeven aan onszelf, onszelf onder ogen kunnen komen, kunnen we gebruik gaan maken van ons hogere bewustzijn. En kunnen we zoveel oplossen als nodig om licht en ruim te leven. Geen spirituele bypass. De enige weg is erdoorheen. Het stond nota bene nog op een tegeltje wat ik al jaren had hangen, die ik ooit kreeg van een oudoom die overleed. Ook die woorden in een ander licht! Van beunen naar steunen. Met geduld, vertrouwen en een ontspannen focus, kwaliteiten van ons hogere, zuiverder bewustzijn. Energie volgt intentie. En met dat lichtere energieveld wat we dan hebben, schijnen we in dat van anderen, waar bewust of onbewust iets wakker wordt. Dat is geen doel, het is slechts een gevolg. Waartegen we kunnen werken, of waarmee we kunnen werken.. de reactie is aan jou. Own it.

Liefs, Eva